Erpe-Mere – Een anonieme bevraging bij 63 bezoekers van Welzijnsschakel Ommekeer legt schrijnende cijfers bloot over inkomen en armoede. De resultaten tonen hoe moeilijk het is om rond te komen en roepen op tot extra maatregelen voor een menswaardig inkomen.
Uit de bevraging blijkt dat een groot deel van de deelnemers afhankelijk is van een uitkering. Vier op de tien zijn langdurig ziek en ontvangen een ziekte- of invaliditeitsuitkering. Drie op de tien leven van een pensioen. Eén op de tien ontvangt een leefloon.
De financiële kwetsbaarheid is groot. Vier op de tien deelnemers kunnen hun rekeningen niet op tijd betalen en zeven op de tien hebben geen financiële buffer voor onverwachte kosten. Drie op de tien kunnen hun woning niet voldoende verwarmen of versleten kledij vervangen. De helft kan zich geen auto veroorloven en is afhankelijk van het openbaar vervoer.
Armoede treft ook het sociale leven. Zes op de tien deelnemers kunnen geen week vakantie nemen, geen vrijetijdsactiviteiten betalen en niet regelmatig afspreken met vrienden of familie. In totaal leeft acht op de tien deelnemers in materiële en sociale deprivatie, terwijl drie op de tien in ernstige deprivatie verkeren.
De grootste kostenpost is huur: voor de helft van de deelnemers weegt die het zwaarst door, gevolgd door gezondheidskosten, schoolkosten, voeding en nutsvoorzieningen. Sparen is voor de meesten onmogelijk: negen op de tien geven aan geen geld opzij te kunnen zetten.
Het meest opvallende resultaat: acht op de tien deelnemers zeggen dat ze met hun huidige inkomen niet menswaardig kunnen leven.
De cijfers tonen dat armoede ook lokaal een harde realiteit is. Ommekeer pleit daarom voor hogere uitkeringen boven de armoedegrens, automatische toekenning van sociale rechten en extra inspanningen rond betaalbaar wonen.



